"Ooit, lang geleden, was er een klein dorpje zonder straten en kroegen, met slechts een oeroud kerkje zonder dominee, en een school met 20 schoolkinderen en een grijs bebaarde schoolmeester. Als iemand van buiten het dorp hier op bezoek wilde, dan moest diegene vanaf de oever van de rivier schreeuwen: "Haol ower!", en als hij dan geluk had hoorde één van de bewoners van de dichtstbijzijnde boerderij hem, zodat die hem met een bootje naar de overkant van de rivier konden brengen."

Deze sprookjesachtige beschrijving komt van de leraar Joseph Hugenberg en geeft een indruk van de boeren gemeenschap Bueckelte aan het begin van de 20e eeuw. Bueckelte was een doods, afgelegen dorpje met een dozijn houten huizen met rieten daken, ongeveer 5 km ten zuidwesten van Haseluenne bij de monding van de Haverbecker beek in de rivier de Hase. De verbinding met de stad en de parochiekerk in Bokeloh werd altijd goed onderhouden door doorwaadbare plaatsen en oversteekplaatsen met de pont. Op deze manier hoefden de bewoners van het dorp geen lange omwegen door het dal te maken. De eerste houten brug werd in 1756 gebouwd dichtbij de "Hudener Faehr" en later in 1907 vlak voor Bokeloh. Het midden van de Hudenerbrug kon omhoog zodat er boten ("Hasepuenten") langs konden. Ook boeren uit Oldenburg en Lengerich kwamen hier om de boten vol te laden met graan. Met de komst van de spoorbaan tussen Meppen-Halsehuenne nam het verkeer op de rivier af. In 1937 werd de kostbare Hudenerbrug vervangen door een betonnen brug 2 km stroom opwaarts. Om deze reden stopte de Bueckelter veerboot op het Backsmann-landgoed met zijn diensten. Het dorp Bueckelte bestond al in het jaar 850 onder de naam "Boclithi". Diezelfde naam werd in de 10e eeuw gebruikt voor de dorpen die bij Bokeloh hoorden. Volgens Hermann Abels betekent Boclithi "Helling bedekt met beukenbomen".
Omdat het een 7 km lange, onbegaanbare weg door het dal was om bij de kerk te komen, bouwde Bueckelte in 1505 haar eigen kerkje. Volgens de legende werden de overblijfselen van een verwoeste Johanniter vestiging in Klosterholte gebruikt als bouwmateriaal. De kerk in Bueckelte is een bijna 500 jaar oud, laat Gotisch gebouw. De 1963 muurschilderingen in het koor van de kerk dateren uit de tijd van de bouw en hebben de kerk gemaakt tot een beroemd architectonisch monument dat wordt bezocht door veel toeristen. Niet alleen het interieur van de kerk, maar ook de omgeving van dit antieke bouwwerk tonen een oeroud bestaan van kerkelijkheid en alledaags leven.


De kapel van Bueckelte

Om er zeker van te zijn dat er regelmatige kerkdiensten in de kerk in Bueckelte gehouden werden, richtten de boeren in 1564 een stichting op. Deze stichting was verbonden met een stuk land ten zuiden van de kapel. De toenmalige pachter was Johann Pels. Volgens de regels van de stichting moest de pachter elk jaar 18 schepels rogge en één "Hornschen" gulden afstaan aan de priester in Bokeloh. Daar tegenover stond dat de priester elke maand een mis vierde of een preek gaf, met name op heilige- en feestdagen. In 1918 deed de pachter Joseph Tensing een donatie aan de stichting die 25 keer zo hoog was als de jaarlijkse bijdrage bedroeg (1237,30 DM). De Maristenpaters uit Meppen namen de diensten van de kerk over van de priester van Bokeloh.Vanaf 1924 nam de priester van Lehrte het over, omdat Lehrte en Bokeloh toen één district gingen vormen. In 1969 werden beide gemeenten één onafhankelijke gemeente met ieder zijn eigen priester. Door het tekort aan priesters tegenwoordig is de priester van Haseluenne nu verantwoordelijk voor de diensten.

200 jaar lang lag de school, die het cultureel centrum van het dorp was, naast de kerk. Het eerste schoolhuis was verbonden aan de noordkant van de toren van de kerk. In de tweede helft van de 18e eeuw begonnen lokale schoolmeesters, die opgeleid waren door de kerk, met les geven. In 1864 verhuisde de school naar een ander gebouw aan de voet van de kerkheuvel. Een derde school werd gebouwd in 1930, maar werd tijdens de schoolhervorming in 1971 alweer gesloten en verkocht. Sindsdien gaan de kinderen uit Bueckelte naar de kleuterschool in Lehrte en vervolgens naar de school in Haseluenne.Tot aan het midden van de 20e eeuw was Bueckelte een typische boeren gemeenschap. Het dorp bestond uit drie landgoederen met drie hoofderfgenamen en een variërend aantal deelerfgenamen. Een gevlochten houten hek met zeven poorten omheinde het hele dorp. Daardoor konden de boeren hun vee los in het dorp laten lopen. Het bosrijke gebied en de vele graslanden en heidevelden in de omgeving zorgden voor een productieve landbouw. Volgens de berichten van Stephan von Duethe werden er 105 koeien, 210 schapen en 14 varkens gestolen in Bueckelte tijdens de "Tecklenburger vijandschap" in 1365. Ernst Giese vond oude landbouwgrond bedekt met een 1,5 meter dikke laag mest en ontdekte zo het idee van agricultuur. Een register dat de bijdragen van alle boeren in Corvey bijhield laat zien dat een boer uit Bueckelte 20 schepels tarwe en 3 schepels haver moest afstaan. Later (na Erich Riebartsch) moesten de boeren uit Bueckelte ongeveer 5600kg tarwe per jaar afstaan. Van 1463 tot 1720 moest 10% van de oogst betaald worden aan de ridders van Kreyenborg en later aan de armensteun in Haseluenne.


Het landbouwland werd steeds verder uitgebreid naar het zuiden. Grote open plekken in het beboste Hasedal waren een gevolg hiervan  en er bleef een groot gebied met gezond land achter. De omliggende dorpen en de stad Meppen maakte gezamenlijk gebruik van de weilanden en het turfland. Het land raakte uitgeput en beschadigd doordat de kuddes gestaag groeiden. De wind vormde duinen van zand en dreigde de velden te bedekken. Om die reden besloot de regering een dam te bouwen door het planten van dennenbomen. Hoe dan ook, de boeren waren bang om hun schapen te verliezen en ze probeerden deze maatregelen te boycotten. Voordat ze de zaadjes voor de dennenbomen plantten, kookten ze deze eerst om ontkieming tegen te gaan. Daarnaast weerhielden ze hun schapen er niet van om jonge boompjes op te eten. Uiteindelijk droegen de inwoners van Bueckelte, tezamen met dichtbij gelegen dorpen, een zandgebied over van 422 hectare aan Graaf Engelbert von Arenberg. De stad Haseluenne voegde daar nog 415 hectare aan toe. Tussen 1872 en 1875 plantte de graaf op dit gebied het "Engelberts wald". Tijdens een algemene landhervorming in 1835 kreeg Haseluenne een gebied van 122 hectare land. Het creëren van bos en het gebruik van kunstmest leidde tot de afschaffing van de schaapskuddes en een groeiende agricultuur. Ten gevolge van financiële hulp van de provincie en de aanleg van nieuwe wegen en drainagekanalen ontwikkelde het woongebied het "Bueckelter Feld" zich in 1930. Ontwikkeling van bosbouw, verbetering van infrastructuur en nieuwe vormen van landbewerking leidde tot de volgende verdeling van het land in Bueckelte:

 

1871

1963

Velden  119 ha = 13,5 %

182 ha

= 24,6 %
Weilanden  50 ha = 5,6 %

4 ha

= 0,5 %
Heideveld 598 ha = 67,2 %

229 ha

= 30,9 %
Anders   2 ha = 0,2 %

5 ha

= 0,5 %
Bouwland  769 ha = 86,5 %

420 ha

= 56,6 %
Bossen  74 ha = 8,4 %

227 ha

= 30,6 %
Anders  47 ha = 5,1 %

96 ha

= 12,8 %
Totaal  890 ha = 100 %

744ha

 

In der zweiten Hälfte unseres Jahrhunderts brachten der Fortschritt in der Landwirtschaft und die zunehmende Industrie in den umliegenden Städten eine starke Umschichtung der Dorfbevölkerung mit sich. Waren vor dem zweiten Weltkrieg nahezu alle Bückelter in der heimischen Landwirtschaft beschäftigt gewesen, so fanden jetzt immer mehr von ihnen Arbeit außerhalb des Dorfes. Solche sogenannten Pendler siedelten sich am Dorfrand an. Sie trugen dazu bei, daß eine ehemals traditionsgebundene Bauerschaft sich immer mehr der moderne Industriegesellschaft öffnet.


Verbeteringen in de landbouw en groeiende industrieën in de nabij gelegen steden leidde tot een aannemelijk grote verandering in de bevolking in de dorpen in de tweede helft van de 20e eeuw. Terwijl bijna alle inwoners vóór de tweede wereld oorlog in de landbouw werkten, vonden er na de oorlog meer en meer werk buiten de dorpen. Deze forenzen vestigden zich in de gebieden rondom de dorpen. Zij zijn één van de redenen voor de ontwikkeling van Bueckelte van een boeren gemeenschap in de richting van een industriële samenleving. Een andere belangrijke factor in deze ontwikkeling was dat Bueckelte deel werd van de provincie Kirchspiel Haseluenne in 1966 en vervolgens in 1874 deel werd van de stad Haseluenne. Door deze ontwikkelingen zijn de stad Bueckelte, haar omgeving en haar sociale structuur in deze periode sneller gegroeid dan voorheen. Ondanks dat bleef de Antonius kapel, boven op de kerkheuvel, voor meer dan 500 jaar bijna onveranderd. Het is geen historisch monument, maar een deel van het leven van de gemeenschap. Tot vandaag de dag komen de inwoners bijeen in deze kapel om hun traditionele geloof te vieren en om meester te zijn van hun dagelijks leven. De huidige burgemeester van Bueckelte is Martin Menke.

Aloys Hake

 

 

Veranstaltungskalender

Veranstaltungskalender

calendar

 

 

Stadt Haselünne | Rathausplatz 1 | 49740 Haselünne | Tel.: 05961/509-0 | EMail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Öffnungszeiten der Verwaltung

2015 by HoGa Webdesign
Ga naar boven